Categories:

Gisteren moest ik de vaccinatie-data van Nura doorgeven aan het kinderdagverblijf en dus pakte ik haar groeiboekje van het consultatiebureau erbij. Na de data doorgegeven te hebben bladerde ik eens door het boekje. Bij elk consult dat er gepland is staat in dat boekje ruimte gereserveerd waar je je vragen kan opschrijven. De eerste twee keer heb ik daar ook vragen ingevuld om tijdens dat consult te stellen. Bij het 4-weken consult las ik gisteren de volgende vragen:

“Is het normaal om 8 uur op een dag bezig te zijn met voeden?” (door Hotze opgeschreven)
“Hoe het aantal voedingen per dag terugbrengen?” (door mij opgeschreven)

Pfff… dit geeft heel goed weer hoe wij het idee hadden dat we vanalles in schema’s moesten vatten. Ik herken dat heel erg en baal enorm van hoe ik toen met het moederschap, en met het voeden in het bijzonder, omging. Ik had het idee dat ik alleen maar bezig was met haar en aan niets toe kwam van ‘mezelf.’ Ik verzette me hier tegen. Ik probeerde vanalles om er maar ritme in te krijgen. Ik heb meerdere malen de borstvoeding vervloekt en heb er elke voeding bijna de brui aan gegeven. Ik baalde er zo enorm van dat ik 24 uur per dag oproepbaar was. Ik was namelijk de enige die kon voeden en dus als zij zich meldde dan MOEST ik weer aan de bak.

Na een paar maanden kwam er wel wat meer regelmaat in zodat er meer duidelijkheid was wanneer ik ‘beschikbaar’ moest zijn zodat dat me iets meer rust gaf en ik me er minder tegen verzette, alleen begon het nachtelijke waken vanaf 4 maanden. Nura kwam tenminste 2 of 3 keer per nacht, met uitschieters naar 6 tot 8 keer per nacht. En weer was ik degene die dan ingezet moest worden, want, zo vonden (en vinden) we, als een kindje wakker wordt en het wil drinken dan moet hij/zij die gelegenheid krijgen. Dus voedde ik Nura elke nacht meerdere keren. Soms werd ik zo boos en gefrustreerd dat ze wéér wakker was dat ik mezelf even door elkaar schudde voor ik haar kamertje in ging, om zo even de frustratie te lozen…

Pas veel later (rond 8 maanden) heb ik die knop echt om weten te zetten. Acceptatie is echt dé remedie tegen gebroken nachten en moeilijke dagen. Ja, dan moet je er nog steeds even vaak uit, maar als je er weer in ligt slaap je zo weer en heb je niet al die adrenaline in je bloed van je boosheid waardoor je niet meer inslaapt.

Ik heb echt het idee dat ik door mijn eigen verzet een heleboel mooie momenten in die eerste maanden gemist heb. Hoe mooi is het niet om midden in de nacht, in alle rust, samen een momentje te hebben met je dochtertje. Alsof je even helemaal alleen met z’n tweetjes op de wereld bent. Daarom keek ik ook zo enorm uit naar de komst van een tweede. Ik zou alles anders gaan doen! Ik zou me niet verzetten tegen het voeden, op welk moment of plek ook. Kind honger? Hup, aan de borst! Midden in de nacht honger? Lekker bij mama in bed en even een kwartiertje voeden om daarna naast elkaar verder te slapen…

Helaas liep het allemaal anders. Het nachtelijke waken betekent voor mij kolven… Hotze doet het voeden. En heeft hij honger overdag? Dan moet ik snel voeding klaarmaken: rennen naar de keuken, fles pakken, voeding erin doen, schepje johannesbroodpitmeel en Zantac erbij (voor de reflux, want dat heeft Julyan ook nog!), speen erop draaien en dit alles met 1 hand want op de andere arm ligt een krijsende hongerige baby. En dan, tussen en na de voedingen moet ik met een krijsende baby rondjes lopen. Hij krijst want hij heeft pijn aan zijn slokdarm door het opkomende maagzuur door de reflux. En dan als hij moe in slaap is gevallen pak ik snel de kolf erbij zodat ik melk kan afkolven voor zijn volgende voeding. Dit moet snel want hij wordt vaak snel weer wakker met buikkrampen en lopen we rond weer rond met een schreeuwende baby.

Mijn romantische beeld van mijn tweede kans om het goed te doen is dus behoorlijk in het water gevallen. Toch moet ik toegeven dat die acceptatie wel helpt. Als dit mijn eerste kind was dan had ik het allang allemaal opgegeven. Dan was ik zeker overgestapt op kunstvoeding (niet dat ik nu denk dat dat heel veel verschil zou uitmaken, dan zou alleen het kolven niet meer hoeven).

Acceptatie heb je nu echt nodig om de tijd door te komen. Als je ‘s ochtends op staat en het plan vat om de was op te vouwen dan zal je net zien dat een van de kinderen (of beiden) een moeilijke dag hebben. Dan moet je meteen beslissen dat de was dan maar blijft liggen. Als je dan hoop houdt dat je het tussendoor wel kan doen dat is elke onderbreking bijzonder frustrerend. De ene dag ben ik er beter in dan de andere dag, maar als je bekijkt waar ik allemaal niet aan toe kom (douchen, eten, slapen tussen de middag, drinken, werken, mailen, telefoneren etc.), dan gaat het me goed af. Het frustreert me wel, maar tot 10 tellen en accepteren helpt me de dag wel door. ‘s Avonds, als de kinderen op bed liggen dan probeer ik de dingen die prioriteit hebben te doen en ook nog aan mijn rust toe te komen.

Bij een volgend kind (lees: over vele jaren!) hoop ik dat romantische beeld toch wel een beetje te mogen meemaken, en anders? Accepteren…

Tags:

No responses yet

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Per mail op de hoogte
Social Media Auto Publish Powered By : XYZScripts.com